BRL 2826

Nationale beoordelingsrichtlijn voor het KOMO®-Procescertificaat
Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk

Publicatie Nr. : BRL2826
Datum uitgifte : 2003-12-08
Datum wijzigingsblad 1: 2008-03-17
Uitgever : IKOB-BKB
Aanvaard door de Harmonisatie Commissie Bouw van de Stichting Bouwkwaliteit


Inhoudsopgave
1. Inleiding
2. Onderwerp en toepassingsgebied
3. Definities en terminologie
4. Eisen te stellen aan metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk
5. Eisen te stellen aan het proces
6. Eisen te stellen aan het uitvoerend bedrijf
7. Eisen te stellen aan de interne kwaliteitsbewaking van het uitvoerend bedrijf
8. Externe controle door de certificatie-instelling
9. Eisen te stellen aan het procescertificaat
10. Titels vermelde documenten
Bijlage 1. Model kwaliteitsverklaring
Bijlage 2. Tabel Bouwbesluitingang


Algemene informatie bij deze wijziging

Deze BRL vervangt de BRL 2826 d.d. 1998-05-15 met bijbehorend wijzigingsblad d.d. 2000-11-01.

De wijzigingen in deze versie hebben betrekking op de aanpassing aan het nieuwe Bouwbesluit 2003 en de Specifieke eisen voor Beoordelingsrichtlijnen en Kwaliteitsverklaringen in de Bouw van de Harmonisatiecommissie Bouw (HCB/2002-200). Tevens is het wijzigingsblad d.d. 2000-11-01 in deze nieuwe versie verwerkt.

De publicatiedata van de documenten, waarnaar in de tekst van de BRL wordt verwezen, zijn vastgelegd in Hoofdstuk 10 "Titels vermelde normen en documenten".

Deze Nationale Beoordelingsrichtlijn is door BKB opgesteld in samenwerking met de Aannemersvereniging Metselwerk (AVM, voorheen NMPB), de Algemene Voegers Patroons Bond (AVPB), het Koninklijk Verbond van Nederlandse Baksteenfabrikanten (KNB), het Nederlands Verbond van Ondernemers in de Bouw (NVOB), de "Stichting Kwaliteit Kalkzandsteen Lijmwerk" (SKKL) waarin deelnemen de "Vereniging van Kalkzandsteen Lijmbedrijven" (VKL) en CVK Kalkzandsteen, de BFBN sectie Bouwblokken en -stenen van beton, de Nederlandse Cellenbetonvereniging (NCV) en de Nederlandse Mortel Organisatie (NeMo), begeleid door hieruit samengestelde Technische Commissies, aangevuld met enkele andere deskundigen.

Deze Beoordelingsrichtlijn, "Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk", is goedgekeurd door het College van Deskundigen van IKOB-BKB, en is door IKOB-BKB aangewezen als basis voor de afgifte van een Procescertificaat "Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk.

Opmerking
BRL 2826 d.d. 1998-05-15 met wijzigingsblad d.d. 2000-11-01 komt hiermee te vervallen.


1. Inleiding

1.1 Algemeen
De in deze Nationale Beoordelingsrichtlijn (BRL) opgenomen eisen worden gehanteerd door Certificatie-instellingen, die door de Raad voor Accreditatie zijn erkend, bij de behandeling van een aanvraag voor, en bij de controle voor de instandhouding van een procescertificaat "Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk" (dan wel combinaties van deze werkzaamheden).

De af te geven kwaliteitsverklaringen wordt aangeduid als KOMO®-procescertificaat.

Het procescertificaat "Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk" heeft betrekking op alle werkzaamheden die noodzakelijk zijn om al of niet binnen een bouwkundig kader of een reeds bestaande draagconstructie een goede metselwerkconstructie, een lijmwerkconstructie of voegwerk te verwezenlijken die voldoet aan de onderhavige Beoordelingsrichtlijn.

Naast de eisen die in deze beoordelingsrichtlijn zijn vastgelegd, kan de certificatie-instelling aanvullende eisen stellen in de zin van algemene procedure-eisen voor procescertificatie. Hiervoor komen alleen in aanmerking de eisen en voorwaarden zoals die zijn vastgelegd in een algemeen certificatiereglement van de certificatie-instelling.

Deze BRL omvat ontwerpeisen, materiaaleisen, uitvoeringseisen, eisen te stellen aan het uitvoerend bedrijf en aan de interne kwaliteitsbewaking (IKB) van het uitvoerend bedrijf en eisen te stellen aan de externe kwaliteitsbewaking (EKB) door de certificatie-instelling.

1.2 Geldigheid
Deze nationale beoordelingsrichtlijn vervangt BRL 2826 “Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk” d.d. 1998-05-15.
De op basis van deze vervangen BRL afgegeven kwaliteitsverklaringen blijven hun geldigheid behouden.


2. Onderwerp en toepassingsgebied

De voorliggende Nationale beoordelingsrichtlijn heeft betrekking op “Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk” uitgevoerd in baksteen, kalkzandsteen, bouwblokken en -stenen van beton of cellenbeton, voor toepassing in gebruiksfuncties zoals omschreven in het Bouwbesluit (BB art. 1.1).

Toelichting
Onder bouwen wordt conform de Woningwet, artikel 1a, verstaan, het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. Renovatiewerkzaamheden vallen hier dus ook onder.


3. Definities en terminologie

De volgende terminologie en begrippen zijn in het kader van deze beoordelingsrichtlijn van belang:

Bedrijf (uitvoerend metsel- en/of lijm- en/of voegbedrijf)
Een bedrijf in de zin van deze BRL is een onderneming die mede als doelstelling heeft het uitvoeren van werkzaamheden, in het kader van onderhavige BRL, gericht op het vervaardigen van metselwerkconstructies en/of lijmwerkconstructies en/of voegwerk.

Beoordelingsrichtlijn (BRL)
Een door een certificatie-instelling bindend verklaart document waarin alle eisen zijn opgenomen die door genoemde instelling worden gehanteerd als grondslag voor de afgifte en de instandhouding van kwaliteitsverklaringen (attesten, certificaten, e.d.). Indien de BRL is aanvaard door de Harmonisatiecommissie voor de bouw (HCB) van de Stichting Bouwkwaliteit (SBK) wordt dit document verheven tot Nationale Beoordelingsrichtlijn.

Certificaat
Een document waarin de certificatie-instelling verklaart dat het door het desbetreffende bedrijf uitgevoerde proces geacht kan worden te voldoen aan de daarvoor geldende beoordelingsrichtlijn (BRL).

Eindproduct
In het kader van onderhavige beoordelingsrichtlijn wordt met het eindproduct bedoeld de vervaardigde metselwerkconstructie en/of lijmwerkconstructie en of voegwerk.

Hulpmaterialen
Hulpmaterialen zijn materialen anders dan de te verwerken stenen, blokken of elementen, metselmortel, lijmmortel en voegmortel die nodig zijn voor realisatie van metselwerkconstructies en/of lijmwerkconstructies en/of voegwerk. Verder behoren tot de hulpmaterialen alle materialen die nodig zijn voor een goede aansluiting op de overige bouwdelen, en dergelijke, voor zover zij behoren tot de aan het uitvoerend bedrijf opgedragen werkzaamheden.

IKB-schema
IKB-schema is de afkorting van Intern KwaliteitsBewakings-schema (ook wel keuringsplan genoemd). Het IKB-schema is een korte beschrijving van de tot de interne kwaliteitsbewaking van het bedrijf behorende keuringen, keurings-methoden, frequenties van keuringen en de wijze van registratie van de keuringsresultaten.

Kwaliteit
Het geheel van eigenschappen en kenmerken van een product, proces of dienst dat van belang is voor het voldoen aan vastgelegde of vanzelfsprekende behoeften.

Metsel- en lijmwerkconstructie
Een hechte (geordende) samenstelling van stenen, blokken of elementen, metselmortel of lijmmortel, voegmortel, eventuele waterkerende voorzieningen, wapening en andere hulpmaterialen.

Proces
Verzameling van onderling samenhangende middelen en activiteiten die "inputs" (invoer) omzet in "outputs" (uitvoer). In het kader van deze beoordelingsrichtlijn wordt hiermee bedoeld, het vervaardigen van metselwerkconstructies, lijmwerkconstructies en voegwerk en de daarbij behorende werkzaamheden.

Product
Resultaat van activiteiten of processen.

Spouw
Ruimte tussen de beide delen van een spouwmuur.

Toeleverancier
Leverancier van grondstoffen, halffabrikaten of diensten ten behoeve van het uitvoerend bedrijf.

Toelichting
Voor begrippen die niet nader zijn gedefinieerd in onderhavige BRL, wordt verwezen naar het Bouwbesluit en de in Nederlandse normen en voorschriften gehanteerde definities en terminologieën.


4. Eisen te stellen aan metsel- en lijmwerkconstructies en voegwerk

Metselwerkconstructies, lijmwerkconstructies en voegwerk moeten in overeenstemming zijn met de hiervoor opgestelde Uitvoeringsrichtlijn.
Bij het gereedkomen van deze BRL waren de navolgende uitvoeringsrichtlijnen gereed en van toepassing:
  • Uitvoeringsrichtlijn voor metselwerkconstructies, BKB publicatie Nr. PBL0357.
  • Uitvoeringsrichtlijn voor lijmwerkconstructies, BKB publicatie Nr. PBL0358.
  • Uitvoeringsrichtlijn voor voegen van metselwerk, BKB publicatie Nr. PBL0359.
  • Uitvoeringsrichtlijn voor verlijmen van gevelstenen, BKB publicatie Nr. PBL0475.
  • Uitvoeringsrichtlijn Keramische Lijmwerkconstructies, URL 20-101.
Hierin zijn tevens de relevante producteisen opgenomen.

Indien metselwerkconstructies, lijmwerkconstructies en/of voegwerk worden uitgevoerd in overeenstemming met de bepalingen van deze Uitvoeringsrichtlijnen dan worden de prestaties bereikt zoals hierna wordt aangegeven.

Sterkte
De sterkte van de metsel- en lijmwerkconstructie inclusief het voegwerk, dient te voldoen aan NEN 6790 met als uitgangspunt NEN 6702 (zie ook NPR 6791).

Toelichting
Over het algemeen zal dit aspect de verantwoordelijkheid zijn van de constructeur van het project. In het bestek kan de vereiste sterkte van het metsel- en lijmwerk (of de dikte van de wand) worden opgegeven inclusief de sterkte(klasse) van het voegwerk. Het uitvoerend bedrijf is gehouden deze benodigde sterkte ook te leveren (combinatie van steendruksterkte en sterkte van de metsel- c.q.lijmmortel). In de overeenkomst of het contract met de opdrachtgever zal deze verantwoordelijkheid moeten worden geregeld.

Opmerking
Deze prestatie sluit aan Afdeling 2.1. van het Bouwbesluit.

Waterdichtheid en regenwerendheid
Een uitwendige scheidingsconstructie (het totaal van binnen- en buitenspouwblad) is waterdicht overeenkomstig NEN 2778, indien onderhavige Beoordelingsrichtlijn en bijbehorende uitvoeringsrichtlijnen worden opgevolgd (zie ook NPR 2652).

Toelichting
In geval het alleen een gemetseld of verlijmd binnenspouwblad betreft dient het buitenspouwblad in de beoordeling te worden betrokken en indien het een alleen een gemetseld of verlijmd buitenspouwblad betreft dient het binnenspouwblad bij de beoordeling te worden betrokken.

Opmerking
Deze prestatie sluit aan op afdeling 3.6, 4.12, 4.13 en 4.14 van het Bouwbesluit.

Bescherming tegen ratten en muizen
In een uitwendige scheidingsconstructie uitgevoerd conform de betreffende Uitvoeringsrichtlijn komen geen onafsluitbare openingen voor die breder zijn dan 0,01 m.

Opmerking
Deze prestatie sluit aan op afdeling 3.17 van het Bouwbesluit.


5. Eisen te stellen aan het proces

5.1 Algemeen
De werkzaamheden van het uitvoerend bedrijf die onder het procescertificaat "Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk" vallen hebben betrekking op alle werkzaamheden die uitgevoerd moeten worden om een goede metselwerkconstructie, lijmwerkconstructie en voegwerk te verkrijgen (dat wil zeggen, een metselwerkconstructie, lijmwerkconstructie of voegwerk die voldoet aan onderhavige Beoordelingsrichtlijn).
Voor het toepassen van bepaalde metselwerkconstructies, lijmwerkconstructies en/of het voegwerk kunnen randvoorwaarden worden gegeven, die veelal betrekking hebben op de werkzaamheden van andere partijen dan het uitvoerend bedrijf. Het uitvoerend bedrijf dient zich ervan te vergewissen dat het bouwkundig kader waarop c.q. waarin het metselwerk c.q. lijmwerk moet worden gerealiseerd voldoet aan de randvoorwaarden die voor een dergelijke gemetselde of gelijmde constructie gelden. Dit geldt eveneens voor het voegwerk.
Alvorens met de werkzaamheden te beginnen, moet het uitvoerend bedrijf controleren of aan alle randvoorwaarden is voldaan en dit schriftelijk vastleggen.
De randvoorwaarden die voor de toepassing van metselwerkconstructies, lijmwerkconstructies en/of voegwerk gelden zijn opgenomen in de betreffende Uitvoeringsrichtlijn.
Het uitvoerend bedrijf is meestal niet verantwoordelijk voor het voldoen aan eisen, die uit deze randvoorwaarden voortvloeien, voor zover het producten of bouwdelen betreft, die niet tot de opgedragen levering behoren.
Alleen als op het oog (visuele beoordeling) duidelijk is dat de werkelijkheid afwijkt van de opgave van de opdrachtgever of niet voldoet aan de randvoorwaarden, moet het uitvoerend bedrijf dit schriftelijk melden aan de opdrachtgever, waarmee het bedrijf gevrijwaard wordt van eventuele aansprakelijkheid op dit punt. Dit geldt eveneens wanneer door de opdrachtgever bewust wordt afgeweken (schriftelijk vastgelegd) van de in deze BRL opgenomen eisen c.q. Uitvoeringsrichtlijnen.

5.2 Projectvoorbereiding
Alvorens de opdracht te aanvaarden dan wel alvorens het project in uitvoering te nemen, moet het uitvoerend bedrijf, voor zover van toepassing, controleren of het bouwkundig (aansluit)kader voldoet aan de eisen genoemd in hoofdstuk 3 van de betreffende Uitvoeringsrichtlijn. Het uitvoerend bedrijf moet de opdracht schriftelijk vastleggen (opdrachtbevestiging) met alle bijbehorende voorwaarden, waarbij tevens aangegeven dient te worden dat het werk wordt uitgevoerd onder KOMOprocescertificaat "Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk".

Toelichting
Eén van de genoemde voorwaarden kan bijvoorbeeld zijn, dat het lijmwerk pas mag worden belast 24 uur na productie.

5.3 Projectuitvoering
Van toepassing zijn de Uitvoeringsrichtlijnen zoals genoemd in hoofdstuk 4.

5.4 Oplevering
Alvorens het metselwerk c.q. lijmwerk c.q. voegwerk over te dragen aan de opdrachtgever ter acceptatie moet een daartoe bevoegde functionaris van het uitvoerend bedrijf controleren of alle overeengekomen werkzaamheden naar behoren zijn verricht.


6. Eisen te stellen aan het uitvoerend bedrijf

6.1 Algemeen
Teneinde in aanmerking te komen voor het KOMO-procescertificaat "Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk", moet het uitvoerend bedrijf voldoen aan alle wettelijke verplichtingen, met name betrekking hebbende op veiligheid, gezondheid en milieu, zoals onder andere de arbeidsomstandigheden (ARBO-eisen) en eventueel van toepassing zijnde A-bladen.

Bovendien dient het uitvoerend bedrijf, voor zover dit noodzakelijk is, een recent uittreksel uit het vergunningsregister van de Kamer van Koophandel te overleggen waaruit blijkt dat de ondernemer beschikt over een vergunning van de Kamer van Koophandel of ontheffing van de SER tot het uitoefenen van het bouwbedrijf.

6.2 Opleiding en ervaring
Binnen het bedrijf moet aantoonbaar voldoende vaktechnische kennis aanwezig zijn op het gebied van het vervaardigen van metselwerk- c.q. lijmwerkconstructies c.q. voegwerk.
Hiertoe dient het bedrijf ten minste één functionaris (metselaar c.q. lijmer c.q. voeger) in dienst hebben die een erkende vakopleiding op het gebied van metselen en/of lijmen en/of voegen met goed gevolg heeft doorlopen met daarnaast aantoonbaar ten minste 2 jaar ervaring op dit gebied.
Bij bedrijven met meer dan 10 man personeel dient op iedere 10 medewerkers die direct betrokken zijn bij de genoemde werkzaamheden (metselaars, lijmers, voegers, e.d.) een dergelijke functionaris aanwezig te zijn.

Toelichting
In overleg met de AVM en andere betrokken partijen zal worden vast gesteld welke cursussen of opleidingen hiervoor in aanmerking komen. Ten tijde van het verschijnen van onderhavige BRL komen de volgende SVB cursussen hiervoor in aanmerking:
  • de cursus "Lijmen van Kalkzandsteen";
  • de cursus "Lijmen van baksteen";
  • de cursus "Mechanisch opperen";
  • de cursus "Kwaliteitsvoegwerk".
Door de Certificatie-instelling zullen eventuele andere cursussen of opleidingen op hun gelijkwaardigheid worden getoetst.


7. Eisen te stellen aan de interne kwaliteitsbewaking van het uitvoerend bedrijf

7.1 Interne kwaliteitsbewaking

Het uitvoerend bedrijf moet schriftelijk hebben vastgelegd op welke wijze de kwaliteitszorg in het bedrijf is geregeld en hoe de kwaliteit van het eindproduct, de metselwerk- c.q. lijmwerkconstructie c.q. voegwerk, is gewaarborgd. Bovendien moeten alle werknemers van deze regeling op de hoogte zijn.

De navolgende aspecten* dienen een onderdeel te zijn van de interne kwaliteitsbewaking van het bedrijf:
  • organisatiestructuur, waarin aangegeven de plaats van iedere medewerker in de organisatie met de daarbij behorende taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden;
  • beoordeling van het contract, waarin aangegeven hoe moet worden nagegaan of alle noodzakelijke aspecten betrekking hebbende op de uit te voeren werkzaamheden op een juiste wijze zijn geregeld;
  • beheersing van documentatie, waarin aangegeven hoe documentatie "up-to-date" moet worden gehouden en op welke wijze moet worden bewerkstelligd dat de noodzakelijke en juiste documenten op het werk aanwezig zullen zijn;
  • beheersing van de werkzaamheden, waarin aangegeven de benodigde vakbekwaamheid, ervaring en opleiding van de betrokken medewerkers;
  • beheersing van tekortkomingen, waarin aangegeven hoe in voorkomende gevallen met tekortkomingen ten aanzien van producten en uitvoering moet worden omgegaan;
  • identificatie van uitgevoerde werken, waarin aangegeven de dossiervorming van uitgevoerde werken;
  • klachtenbehandeling, waarin aangegeven de klachtenregistratie, de behandeling van de klacht, eventuele preventieve maatregelen die daaruit voortvloeien en hoe deze geïmplementeerd zijn;
  • terugkoppeling van ervaringen, waarin wordt vastgelegd hoe ervaringen met uitgevoerde werken worden uitgewisseld (werkoverleg, e.d.).
*) Deze aspecten zijn ontleend aan NEN-EN-ISO 9004-1. Deze norm biedt een leidraad (geeft richtlijnen) over introductie van kwaliteitszorg en de elementen van een kwaliteitssysteem.

7.2 IKB-schema
Als onderdeel van de interne kwaliteitsbewaking dient het bedrijf te beschikken over een door een bevoegde functionaris van het bedrijf geautoriseerd IKB-schema en dient de instemming te verkrijgen van de certificatie-instelling.

Het IKB-schema dient minimaal de volgende hoofdgroepen te bevatten:
  • contractbeoordeling;
  • controle van meet- en beproevingsmiddelen;
  • controle materieel;
  • ingangscontrole op de materialen;
  • controle op intern transport en de opslag in het magazijn en het transport naar het werk (indien van toepassing);
  • een controle op transport en de opslag op het werk;
  • een controle tijdens de uitvoering;
  • een controle bij de oplevering.
7.3 Procedure-eisen

7.3.1 Algemeen
Voor wat betreft de algemene administratieve procedures wordt verwezen naar het Certificatie Reglement van de certificatie-instelling.

7.3.2 Project-aanmelding
Het gecertificeerde bedrijf is in principe verplicht om nadat het de opdracht heeft verworven alle projecten op dit gebied, voorafgaande aan de uitvoering bij de certificatie-instelling aan te melden, tenzij met de certificatie-instelling hierover andere afspraken worden gemaakt. Deze gegevens zullen door de certificatie-instelling vertrouwelijk worden behandeld in het kader van de geheimhouding zoals vermeld in het Certificatiereglement van de certificatie-instelling.

Uitbesteding door een gecertificeerd bedrijf van werkzaamheden die onder deze certificatieregeling vallen kan alleen aan andere hiervoor gecertificeerde bedrijven en dient als zodanig te worden gemeld bij de certificatie-instelling.
Eventueel inhuren door een gecertificeerd bedrijf van personeel van andere bedrijven is toegestaan, mits het betreffende werk altijd wordt uitgevoerd onder toezicht en onder algehele verantwoording van het gecertificeerde uitvoerend bedrijf.


8. Externe controle door de certificatie-instelling

8.1 Algemeen
De externe controle door de certificatie-instelling is vastgelegd in het Certificatiereglement van die instelling. Dit reglement bevat algemene zaken zoals:
  • administratieve afwikkeling
  • kosten en betalingsvoorwaarden
  • publicatierecht
  • aansprakelijkheid en vrijwaring
  • behandeling afwijkingen
  • sancties
  • klachtenregeling
  • beroepsprocedures.
8.2 Controle en controle-frequentie
De controle door de Certificatie-instelling dient ten minste te omvatten de eisen zoals vermeld in hoofdstuk 4, 5, 6 en 7 van deze BRL.
De certificatie-instelling controleert steekproefsgewijs op basis van de grootte van het personeelsbestand van het bedrijf, de door het bedrijf aangemelde projecten, de eventuele planning en de omvang van het project, op het voldoen aan de eisen zoals weergegeven in onderhavige BRL.
De frequentie wordt in principe jaarlijks vastgesteld in overleg met het College van Deskundigen van de certificatie-instelling en de betrokken branche-organisaties.

Met ingang van de datum van uitgifte van deze BRL is de controlefrequentie per bedrijf vooralsnog vastgesteld op vier inspecties bij een personeelsbestand van 10 personen waarbij voor iedere 4 personen boven de 10, één inspectie meer wordt uitgevoerd. Bij bedrijven met meer dan 40 personeelsleden wordt het aantal uit te voeren inspecties verhoogd met één inspectie per 8 personeelsleden boven de genoemde 40.
Indien de scope van het certificaat ook keramische lijmwerkconstructies bevat conform URL 20-101 zal dit aantal worden verhoogd met per bedrijf vier inspecties bij een personeelsbestand van 10 personen waarbij voor iedere 4 personen boven de 10, één inspectie meer wordt uitgevoerd. Bij bedrijven met meer dan 40 personeelsleden wordt het aantal uit te voeren inspecties verhoogd met één inspectie per 8 personeelsleden boven de genoemde 40. Tijdens deze inspecties dienen ten minste de werkzaamheden conform URL 20-101 te worden geverifieerd.
In overleg met het College van Deskundigen kan hiervan met argumentatie worden afgeweken.

Deze inspecties geschieden onverwachts, zonder voorkennis van datum of tijd.
In principe worden de op dat tijdstip in uitvoering respectievelijk gereed zijnde werkzaamheden bij de controle betrokken.

Naast voorgaande controles op in uitvoering zijnde projecten zal periodiek (in principe één maal per jaar) door de certificatie-instelling een controle uitgevoerd worden op de totale interne kwaliteitsbewaking (IKB) van het gecertificeerde bedrijf en worden getoetst of nog steeds aan de gestelde eisen wordt voldaan.
In overleg met het College van Deskundigen kan hiervan met argumentatie worden afgeweken. Rapportage hiervan zal aan het betreffende bedrijf plaatsvinden.
Afwijkingen zullen worden gerapporteerd aan de directie van de certificatie-instelling welke zonodig conform het certificatiereglement tot sancties over kan gaan.


9. Eisen te stellen aan het procescertificaat

Het procescertificaat bestaat uit een voorblad met de verklaring van de certificatie-instelling en verder een processpecificatie (metselwerkconstructies en/of lijmwerkconstructies en/of voegwerk en/of verlijmen van gevelstenen) en wenken voor de afnemer. Daarnaast is de tabel met de aansluiting aan het bouwbesluit opgenomen.


10. Titels vermelde documenten

Publiekrechtelijke regelgeving
Bouwbesluit 2003 Bouwbesluit (Stb. 2001, 410; Stb. 2002, 203, 516, 518, 582 en Stb. 2005, 1, (368), 417 en 528; Stb. 2006, 148, 257 en 586; Stb. 2007 439 en de Ministeriële Regelingen Stcrt. 2002, 241; Stcrt. 2003, 101 en Stcrt. 2005, 163 en 249; Stcrt. 2006, 122).
Woningwet 2003 Woningwet (Stb. 2002, 590; Stb 2003, 189).

Nederlandse normen en Praktijkrichtlijnen
NEN 2778 1991 Vochtwering in gebouwen. Bepalingsmethoden, inclusief wijzigingsblad A3:2004.
NEN 6702 2007 Technische grondslagen voor bouwconstructies – TGB 1990 – Belastingen en vervormingen, inclusief correctieblad C1:2007.
NEN 6790 2005 Technische grondslagen voor bouwconstructies – TGB 1990 – Steenconstructies – Basiseisen en bepalingsmethoden.
NEN-EN-ISO 9000 2005 Kwaliteitsmagementsystemen – Grondbeginselen en verklarende woordenlijst.
NEN-EN-ISO 9004 2000 Kwaliteitsmagementsystemen – Richtlijnen voor prestatieverbetering.

Opmerking
Voor de juiste uitgave, datum en gegevens, over eventuele wijzigingsbladen en/of correctiebladen van de normen die direct of indirect via het Bouwbesluit worden aangewezen, wordt verwezen naar NEN 2000. Datering en onderlinge samenhang van normen ten behoeve van de bouwregelgeving, 1ste uigave d.d. oktober 2002.

Overige documenten
  • Uitvoeringsrichtlijn voor metselwerkconstructies, BKB publicatie Nr. PBL0357.
  • Uitvoeringsrichtlijn voor lijmwerkconstructies, BKB publicatie Nr. PBL0358.
  • Uitvoeringsrichtlijn voor voegen van metselwerk, BKB publicatie Nr. PBL0359.
  • Uitvoeringsrichtlijn voor verlijmen van gevelstenen, BKB publicatie Nr. PBL0475.
  • Uitvoeringsrichtlijn Keramische Lijmwerkconstructies, URL 20-101.



Bijlage 1. Model kwaliteitsverklaring

Model tekst KOMO® procescertificaat
 
KOMO® procescertificaat Ruimte voor logo CI
 
 
Naam CI  
Adres  
Vestigingsplaats Logo van bevoegde accreditatie instantie
Telefoon  
(Fax)  
(E-mail)  
 
Proces (naam) Nummer:
  Uitgegeven:
  Geldig tot:
  Vervangt:
  d.d.:
 
Bedrijf
Naam
Adres
Vestigingsplaats
Telefoon
(Fax)
(E-mail)
 
Verklaring van (naam CI)
 
Dit procescertificaat is op basis van BRL (nummer) afgegeven door (naam CI), conform het (naam CI) Reglement voor Procescertificatie:(jaar).
 
(Naam CI) verklaart dat de door het bedrijf verrichte werkzaamheden in het kader van (gecertificeerde processen) aan de in dit procescertificaat vastgelegde processpecificaties voldoen, mits in het contract betreffende het uitvoeren van de werkzaamheden is vermeld dat de werkzaamheden verricht worden onder dit procescertificaat.
 
Voor de relatie van de uitspraken van dit procescertificaat met de voorschriften van het Bouwbesluit wordt verwezen naar het 'Overzicht van kwaliteitsverklaringen in de bouw' zoals die door de Stichting Bouwkwaliteit (SBK) te Rijswijk wordt gepubliceerd.
 
 
Voor (naam CI) directeur
Gebruikers van dit procescertificaat wordt geadviseerd om bij (naam CI) te informeren of dit document nog geldig is.
Afbeelding van het KOMO®-beeldmerk. Ruimte voor KOMO® logo
 
 
 
®is een collectief merk van Stichting Bouwkwaliteit (SBK)
 
Dit procescertificaat bestaat uit ... bladzijden
 
Nadruk verboden Ruimte voor Copyright


Bijlage 2. Tabel Bouwbesluitingang

Bouwbesluitingang voor een Procescertificaat Vervaardiging van metsel- en lijmwerkconstructies en/of voegwerk

Tabel 1. Bouwbesluitingang
nr. afdeling grenswaarde / bepalingsmethode prestaties volgens kwaliteitsverklaring opmerkingen i.v.m. toepassing
2.1 Algemene sterkte van de bouwconstructie Uiterste grenstoestand, bepaling volgens NEN 6790 Sterkte van het metsel-, lijm- en voegwerk voldoet Indien uitvoering conform Uitvoeringsrichtlijnen
3.6 Wering van vocht van buiten Waterdicht volgens NEN2778 Metsel- lijm- en voegwerk is waterdicht Indien uitvoering conform Uitvoeringsrichtlijnen
3.17 Bescherming tegen ratten en muizen Geen openingen breder dan 0,01 m In metsel-, lijm- en voegwerk komen geen openingen voor breder dan 0,01 m Indien uitvoering conform Uitvoeringsrichtlijnen
4.12
4.13
4.14
Regenwerendheid en waterdichtheid Regenwerendheid en waterdichtheid bepaald conform NEN 2778 Metsel-, lijm- en voegwerk is regenwerend en waterdicht Indien uitvoering conform Uitvoeringsrichtlijnen