Specie.



Samenstelling:


Metselspecie ( mortel ) hecht de stenen aan elkaar en vult de voegen op.

Samenstelling specie:
De cement zorgt er voor dat de specie hard wordt.
Tras is gemalen tufsteen en zorgt er voor dat de specie meer waterdicht en minder gevoelig voor aantasting is.

Cement:




Er zijn de volgende soorten cement:
Cement is eigelijk een schadelijke stof, dit komt door dat cement alkalisch is.
Cement lost de natuurlijke vetlaag van de huid op waardoor de huid wordt aangetast of je eczeem krijgt.
Draag rubberen handschoenen tijdens het metselen.

Kalk:


Er zijn 2 soorten kalk:
Kalk wordt aan de specie toegevoegd om:

Zand:


Zand is eigenlijk heel fijn grind.
Goed zand bevat korrels van verschillende grootte.
Het zand dat de metselaar gebruikt is rivierzand ( scherpzand ).

Hulpstoffen:


Hulpstoffen worden toegevoegd om bepaalde eigenschappen van de specie te verbeteren.
Zo zijn er:

Water:


Een baksteen zuigt water op uit de specie.
Als stenen te nat worden bijvoorbeeld door dat ze in de regen liggen, nemen ze geen water meer op uit de cement.
De stenen gaan dan drijven, de steen gaat verschuiven in en op de specie, ook loopt de specie uit de voegen.
Verder zal de specie niet op de stenen hechten.
Bij regen moet je de stenen dus afdekken.
Moet je toch met natte stenen metselen dan moet je de specie zo droog mogelijk houden.

Mengverhoudingen:


soort werk

cement

zand

kalk

baksteen binnen 1 41/5 3/4
buiten 1 5 1
waterdicht 1 2  
voegspecie 3/4 41/5 1
kalkzandsteen binnenmuur zomer 1 9 2
winter 2 9 1
kalkzandsteen waterdicht zomer 8 18 1
winter 8 18 1

Sterkteklassen van cement:


Cement dat fijn gemalen is verhardt snellen dan cement dat grof is gemalen.
De verhardingssnelheid van cement wordt aangegeven in 3 sterkteklassen ( Newton per mm2 ).

Kwaliteitsaanduidingen:


De kwaliteit van speciemortels wordt aangegeven in Newton per mm2
We kennen M2,5 - M7,5 - M10 - M12,5 - M15 en M17,5.

Naar hun toepassing verdeel je mortels in 5 klassen:
Een veel gebruikte metselmortel is M7,5 II/III. Deze mortel is geschikt voor al dragende werk in weer en wind.
Hiermee kun je gevelsteen en kalkzandsteen metselen.

Bereiding van de metselmortel:


Kleine hoeveelheden speciemortel kun je klaarmaken in de metselkuip.
Grotere hoeveelheden maak je klaar met een betonmolen.

Op grote bouwwerken werkt men met prefabspecie
Deze mortel is er in 2 soorten: nat en droog en wordt bereid in de cementcentrale en vervoerd naar de bouwplaats.
In de natte prefabspecie zitten vertragers zodat deze specie enkel uren is te gebruiken voor dat hij verhardt.

De droge pefabspecie zit eveneens in een silo.
Wanneer men de specie nodig heeft zet men de kruiwagen er onder, drukt op een knop en de specie komt er gemengd met water uit.


Betonmolen.

Mortelsilo.


Verbruik:


Om 1000 stenen te verwerken heb je nodig:

6 zakken cement van 25KG.
0,5 M3 zand.
1 zak kalk.

of 20 zakken kant en klare metselspecie van 25KG.




Terug Home Volgende pagina

Gereedschappen.